De PARASET
Replica gebouwd door PAØSOM
2017
  Dutch Version
  English version
De Whaddon MK7 of PARASET.

Dit is een door mij gebouwde werkende replica van de beroemde Whaddon MK7 zendontvanger die in 1941 in grote aantallen
gebouwd werden in Whaddon Engeland om gebruikt te worden door het verzet en geheimagenten tijdens de 2e Wereldoorlog.

De zendontvanger is beter bekend geworden onder de naam "PARASET" omdat ze per parachute gedropt werden
al dan niet tegelijk met een geheimagent.

Om de spanning van de geheimagenten te voelen en om te ervaren hoe het is om met een eenvoudige PARASET
onder moeilijke omstandigheden verbindingen te maken, heb ik deze replica gebouwd.

Door met deze replica zelf radio verbindingen te maken met Engeland en andere landen, wil ik ook de
geheimagenten en het verzet eren en bedanken voor hun heldenmoed.

Uit eerbied valt nog te vermelden dat de PARASET's veel mensenlevens hebben gered maar ook veel mensenlevens
hebben gekost. Wie tijdens het zenden door de vijand werd gepakt werd onmiddellijk terechtgesteld.

Om de zender een authentieke uitstraling te geven is het kistje gemaakt van hout afkomstig van een leeg wijnkistje
dat me vriendelijk ter hand werd gesteld door een medewerker van supermarkt Colruyt.

*****

  Mijn werkende Replica.  

De geschiedenis.

De Parasets werden gebouwd in Whaddon Engeland door een afdeling van de Special Operations Executive afgekort SOE een onderafdeling van de bekend MI6. Ze werd opgericht om geheim agenten, voorzien van o.a. een zendontvanger, te droppen achter de vijandelijke linies in Frankrijk, België, Nederland en Noorwegen en mogelijk nog andere landen.

De eerste PARASET's werden gefabriceerd in een antiek reiskoffer zoals is te zien op de afbeelding. In de koffer zat ook de adapter om de set zowel op het stroomnet te laten werken als ook op een 6 Volt accu. Tevens zaten in de koffer enkele reserve radiobuizen, een koptelefoon en een aantal kristallen om op verschillende frequenties te kunnen werken. Het viel Duitse bezetters echter al heel snel op dat iemand die met een reiskoffer over straat liep een zendontvanger transporteerde, met gevangenneming en de verdere bekende ernstige gevolgen. Daarop is men later de PARASET in een los kistje gaan fabriceren, eerst van hout zoals in de replica en later volledig van metaal.

De bezetter herkende op den duur niet alleen de geheimagenten aan de koffers maar ook aan hun kleding in Engelse snit. Ook daar moest de SOE toen iets aan doen.

Er werden door de SOE ook nog andere modellen zendontvangers gefrabriceerd die wat groter waren en er wat anders uitzagen. Maar de PARASET is met zijn kleine afmetingen en charmante uitstraling zo bij radioamateurs in de smaak gevallen dat veel amateurs over de hele wereld van de PARASET een werkende replica gebouwd hebben. Of hebben een authentieke PARASET uit de oorlog op een verlaten zolder gevonden en het fascineert om met Morse telegrafie radio verbindingen over de hele wereld te maken en zo bij te dragen aan de plannen om de Morse telegrafie tot cultureel erfgoed te verklaren (plannen 1917).

Originele uitvoering uit 1941  

Hoe werkt een PARASET en hoe wordt hij bediend?

De PARASET bestaat slechts uit drie radiobuizen (lampen) in metaal uitvoering 1 x 6V6 voor de zender en 2 x 6SK7 voor de ontvanger. De zender levert ongeveer 5 Watt aan de antenne. Dat is voldoende om verbindingen te maken door heel Europa en ook daarbuiten als de atmosferische omstandigheden gunstig zijn. De zender is zo geconstrueerd dat zeer uiteenlopende antennes gebruikt kunnen worden omdat de geheimagenten zich meestal moesten behelpen met zeer provisorische antennes die snel op te bouwen waren en ook weer snel af te breken. Soms werd als antenne de waslijn gebruikt of een stuk draad aan het plafond of onder het tapijt. Op twee eenvoudige fietsachterlicht lampjes kon afgelezen worden of de zender goed afgesteld was om zijn maximale energie te geven. De zender heeft een ingebouwde seinsleutel om de Morse tekens te zenden.

De ontvanger is van het regeneratieve type, ook wel teruggekoppelde detector genoemd. Dit type ontvanger werd in 1912 uitgevonden door Edwin Armstrong die werkzaam was aan de universiteit van Columbia Amerika. Een regeneratieve ontvanger is zeer eenvoudig van opzet, maar het mag gezegd zijn, tegelijk ook nogal moeilijk in zijn bediening. Daarom komt de geheimagenten des te meer eer toe dat ze hiermee succesvol konden werken. Niettemin zijn regeneratieve ontvangers in de begintijd van de radio en ook later zeer populair geweest. Eén van de redenen daarvoor was dat radiobuizen in die tijd nog zeer duur waren en voor een regeneratieve ontvanger maar één radiobuis nodig was. Ondanks zijn eenvoud is een regeneratieve ontvanger zeer gevoelig en selectief. Dat is het vermogen om dicht naast elkaar liggende zenders te scheiden. Waar haalt een regeneratieve ontvanger deze eigenschappen vandaan? Bij een regeneratieve ontvanger wordt het signaal dat er uit komt gedeeltelijk weer teruggevoerd naar de ingang, in het Engels ook wel aangeduid met "feedback of reaction". Misschien een beetje vergelijkbaar met de turbo in een auto. Het niveau van het teruggevoerde signaal wordt zo ingesteld dat de ontvanger simpel gezegd bijna op hol slaat en op het punt staat om zelf als zender te gaan werken omdat hij zelf gaat oscilleren. Doordat de ontvanger dan de neiging krijgt om het afgegeven signaal steeds weer opnieuw te versterken wordt de gevoeligheid en de selectiviteit vele malen vergroot. Tot zover alles positief, maar wat maakt de bediening dan zo moeilijk? Een Amerikaanse professor in de elektronica noemde het een "Two hands needed receiver" Dat houdt in dat er twee handen tegelijk nodig zijn om de ontvanger af te stemmen. Eigenlijk zelfs drie, maar dat is lastig.

In de afbeelding is zeer eenvoudig het principe van een regeneratieve ontvanger weergegeven. Om de ontvanger de juiste hoeveelheid feedback te geven voor de optimale werking zijn er twee regelknoppen nodig, vandaar de "Two hands". In de afbeelding hiernaast zijn deze knoppen te herkennen als R2 en C2. R2 regelt het niveau van de feedback en C2 regelt de frequentie waarop we willen ontvangen. Het nadeel bij een regeneratieve ontvanger is echter dat beide regelingen zeer interactief zijn. Dat wil zeggen dat ze elkaar zeer sterk beïnvloeden. Hierdoor ontstaat dat wanneer aan R2 wordt gedraaid om de feedback in te stellen ook de frequentie licht verandert en vice versa. Ook C1 die regelbaar is en ervoor moet zorgen dat de antennegoed werkt, werkt interactief, vandaar de "drie handen"

Behalve deze nadelen is er nog ander nadeel dat bij het gewone gebruik van een regeneratieve ontvanger niet zo groot is, maar voor de geheimagenten een groot gevaar opleverde. Dat is namelijk dat de ontvanger ook als zender werkte als hij is ingesteld om Morse telegrafie signalen te ontvangen waarbij hij noodgedwongen moet oscilleren om de signalen hoorbaar te maken. Dat hield in dat de geheimagent opspoorbaar was ook wanneer hij zelf niet aan het zenden was. Of de ontwerpers van de PARASET hiervan op de hoogte waren is mij niet bekend. Behalve dat de vijand probeerde de geheimagent uit te peilen sloten ze ook straatgewijs het lichtnet even af. Wanneer het zenden dan plotseling ophield wisten ze al in welke straat de geheimagent zat. Althans wanneer hij niet op de accu werkte maar op het lichtnet.

Het schema:

De transceiver bestaat slechts uit drie buizen waarvan een buis 6V6 voor de zender en twee buizen 6SK7 voor de ontvanger. De eerste
6SK7 is geschakeld als teruggekoppelde detector en de tweede als laagfrequent versterker. De zender is kristal gestuurd voor de stabiliteit.

Het ontvangstbereik loopt van 3.0 MHz tot 7.6 MHz en omvat daarmee de 40 en 80 meter band. Het zendbereik is in twee gedeeld met een omschakelbaar bereik van 3.3 MHz tot 4.5 MHz en een bereik van 4.5 MHz tot 7.6 MHz.

Het tunen (afstellen) van zender moet gebeuren door m.b.v. de Arialtuning en Tanktuning knoppen de indicator lampjes maximum licht te laten geven. Bij voorkeur moet het lampje van de Arialindicator het meeste licht geven.

Het afstemmen van de ontvanger moet gebeuren met de Receivertuning en de Reaction knoppen. Om Morse (CW) signalen hoorbaar te maken moet de teruggekoppelde detector met de Reaction knop net over het punt met de gevoeligste ontvangst afgesteld worden zodat hij zwak gaat oscilleren. Dit punt is hoorbaar wanneer het ruisniveau plotseling toeneemt.

Door het noodzakelijk oscilleren wordt echter ook een zwak signaal via de antenne uitgezonden ook wanneer de transceiver op ontvangst staat. Waardoor de geheimagent uitgepeild kan worden met gevaar voor eigen leven als hij door de vijand opgepakt wordt.

Voor het afstemmen en tunen is enige ervaring noodzakelijk omdat de afstelling van beide knoppen elkaar beïnvloeden. M.a.w. door de Reaction te verstellen verandert niet alleen de terugkoppeling maar ook in meer of mindere mate de ontvangst frequentie en vice versa. Eveneens is de antenne lengte en opstelling van invloed op beide instellingen.

De transceiver beschikt niet over een zogenaamde sidetone die het mogelijk moet maken om de zelf uitgezonden Morse tekens zelf te horen waardoor het seinen met de seinsleutel gemakkelijker kan worden. Een goed getrainde operator kan echter ook zonder sidetone probleemloos Morse code zenden. Uit veiligheid moesten de geheimagenten bewust afgespoken fouten seinen, zoals bijvoorbeeld elke zestiende letter fout seinen, de zo genaamde "security check". Zodat het hoofdkwartier in Londen wist dat ze niet in gevangenschap onder dwang van de vijand seinden.

De frequentie uitlezing voor de ontvanger gebeurt met een grafiek waarop a.d.h.v de 0 tot 100 schaalverdeling van de grote receiver knop de frequentie is af te lezen, die echter door de interactie van de genoemde knoppen niet altijd exact is. Wat het extra moeilijk kan maken voor de operator om snel genoeg op de juiste frequentie van het tegenstation te gaan zitten.

Een en ander maakt het duidelijk dat een geheimagent operator liefst goed getraind moest zijn om niet langer als nodig met de transceiver bezig te moeten zijn om niet ongewenst in de handen van de vijand te vallen.

De bouw van de PARASET replica.

Hoewel veel nabouwers zeer ver gaan in de pogingen om de PARASET zo authentiek mogelijk na te bouwen en daarbij zelfs onderdelen zoals ouderwetse weerstanden en condensatoren van voor de oorlog proberen na te bouwen met daarin dan noodgedwongen een moderne hedendaags onderdeel. Heb ik me daarin beperkt door zo veel mogelijk oude onderdelen te gebruiken uit zeer oude televisietoestellen en radio's uit het buizentijdperk en oude legerapparatuur.

Ik wil ook de collega's zendamateurs danken die me uit hun eigen junkbox aan niet meer verkrijgbare onderdelen hebben geholpen zoals de variabele draaicondensatoren en kristallen en de deskundige steun bij probleem oplossingen.

In de originele PARSET is alleen het zendbereik omschakelbaar tussen 40 en 80 meter band. Het ontvangbereik is dat echter niet en bestrijkt beide banden in één stuk van 3.3 MHz tot 7.6 MHz. In de replica heb ook het ontvangbereik omschakelbaar gemaakt en de bandspreiding verkleind tot het voor de radioamateurs toegelaten telegrafie gedeelte van de 40 en 80 meterband. Voor een meer efficiënte spreiding over de afstemschaal.

Om het kistje enigszins een authentiek uitzicht te geven heb ik geen nieuw hout willen gebruiken maar heb een leeg wijnkistje uit de supermarkt vermaakt tot behuizing voor de PARASET.

Met de handgrepen aan de bovenkant ben ik afgeweken van originele PARASET om de replica daarmee een wat meer militaire look geven. De handgrepen zijn ook handig bij service en onderhoud.

Joe Somers PAØSOM
Februari 2017